CrossOvernieuws

Heftig WMo-debat heeft derde termijn nodig

De Tweede Kamer is in beginsel positief over de transitie van de extramurale begeleiding en kortdurend verblijf van AWBZ naar Wmo. Maar gezien het grote aantal moties en amendementen - waarin veel voorstellen van de VGN meegenomen zijn - vinden de politieke partijen wel dat er ook veel aan veranderd moet worden.

Zo bleek uit de debatten over de wetswijziging van de Wmo van 4 en 5 april 2012; een derde termijn is in ieder geval nodig.

De Kamerleden hadden veel aandacht voor het deel gehandicaptenzorg in de wetswijziging. Uit de uitspraken van de woordvoerders van de partijen bleek dat velen van hen de zorgen van de VGN deelden of de signalen hebben opgepikt. Waren de partijen in de eerste termijn nog positief, na de tweede waren zij dat minder. Gedurende de debatten nam het aantal moties en amendementen dan ook toe. De debatten helpen om scherper te krijgen waar het bij deze wetwijziging nu om draait.

Specifieke groepen
In de voorbereidingen heeft de VGN veel aandacht gevraagd voor de specifieke groepen (cliënten met een specialistische vorm van ondersteuning, al dan niet gecombineerd met kleine aantallen), zoals mensen met NAH of ZG en kinderen op een KDC. Voor deze groepen ziet staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten in eerste instantie vooral een oplossing in het maken van handreikingen voor gemeenten, die zo breed mogelijk moeten inkopen voor deze groepen.

De Kamer vindt dat de keuzevrijheid van de cliënt beter geborgd moet zijn. De staatssecretaris wil nadenken over de mogelijkheid dat een cliënt voor een persoonsvolgend budget kan kiezen (als het aanbod niet voldoet).

De cliëntondersteuning voor specifieke groepen – door MEE - vindt de staatssecretaris erg belangrijk. De Kamer vindt daarnaast het belang van externe expertise erg belangrijk; de staatssecretaris zei dat het inschakelen van externe expertise (bij het keukentafelgesprek) moet mogelijk zijn.

De ChristenUnie maakte zich sterk voor een landelijke inkoop van de specialistische zorg voor de kleine groep cliënten met een auditieve en visuele beperking; de staatssecretaris zwichtte uiteindelijk voor de argumenten. Namens alle gemeenten zullen een of twee deze zorg landelijk inkopen. Hoe dat precies gaat, wordt aan de VNG overgelaten.

De PVV vroeg specifieke aandacht voor de kinderen in de KDC’s, waarvoor een knip in de zorg ontstaat. De staatssecretaris belooft op werkbezoek te gaan bij een van de VGN-leden, zodat ze deze groep beter kan leren kennen.

Voor alle specifieke groepen zijn moties en amendementen ingediend. Hierover wordt gestemd na de derde termijn.

Kortdurend verblijf
Een ander belangrijk punt voor de VGN is dat cliënten met een intramurale zorgbehoefte principieel in de AWBZ horen: ‘kortdurend verblijf’ (logeren) hoort in de AWBZ. Voor deze meest zware groep cliënten is de AWBZ oorspronkelijk bedoeld: het betreft cliënten met een intramurale zorgbehoefte, maar zij kiezen voor extramurale zorg, omdat er mantelzorg is. In het debat is expliciet gevraagd deze groep in AWBZ te houden. De staatssecretaris vindt – in tegenstelling tot bijvoorbeeld de ChristenUnie en GroenLinks – dat logeren alleen ter ontlasting van de mantelzorg is en belooft een handreiking mantelzorg rond deze zomer. De partijen vonden dit echter niet voldoende. De discussie hierover is dus nog niet afgerond en moties en amendementen lopen nog.

Borging kwaliteit
De staatssecretaris wil de kwaliteit in de Wmo borgen. Zij wil werken met het principe ‘comply of explain’, toezicht op cliënttevredenheid via een integraal toezichtsysteem voor gemeenten. De IGZ kan een tijdelijke rol spelen. De meerderheid van de Kamer daarentegen is voor een zware, blijvende rol van de IGZ. Het leidde tot veel discussie. De staatssecretaris beloofde binnen week met een nota van toelichting te komen over het toezicht in de Wmo en (stevigere) rol van de IGZ.
Administratieve lasten

De staatssecretaris geeft aan dat het niet de bedoeling is dat gemeenten verplicht worden aan te besteden. Ze hoopt de administratieve lasten te verminderen door te werken aan een standaardverantwoording voor de Wmo-aanbieders.
Lagere salarisschaal
Kamerleden benoemen signalen dat aanbieders nu al aangeven dat begeleiders in de Wmo in een lagere schaal uitkomen. De staatssecretaris erkent dat dit niet de bedoeling kan zijn en zal hiervoor een meldpunt inrichten.

Uitstel
Partijen signaleerden dat de gemeenten nog niet klaar zijn voor de invoering van de wetswijziging per 1 januari 2013. De staatssecretaris wil hier echter aan vasthouden.
Gemeenten die achterlopen, worden ondersteund met ‘snelle brigades’; TransitieBureau, VWS en cliëntenorganisaties bezoeken die gemeenten om de problemen op te lossen en snel knopen door te hakken, aldus Veldhuijzen van Zanten. Boeiend was de discussie tussen Linda Voortman (GroenLinks) en de staatssecretaris. De laatste beweerde dat de VNG het met haar eens is; Voortman zwaaide met het persbericht van de VNG dat ze tegen invoering per 2013 zijn.

In de meicirculaire moeten de cijfers voor de inkoop voor gemeenten helder zijn. Als dat zo is, is er volgens de staatssecretaris ook geen blokkade tegen de invoering op 1 januari 2013. Een gevoelig punt is nog het aanleveren van cliëntgegevens met naam en toenaam in verband met de Wet op de Privacy. Hierover geeft het College Bescherming persoonsgegevens binnenkort een advies. Voor veel kamerleden is dit advies noodzakelijk om te kunnen beslissen over de invoeringsdatum.

Cijfers
Er worden steeds meer cijfers bekend over de cliënten. Zo heeft de staatssecretaris op 5 april jl. een brief naar de Tweede Kamer gestuurd over het financieel arrangement (de gemeentebudgetten) van de Wmo (zie bijlage). Daarin wordt 5% doelmatigheidskorting genoemd. Daarnaast is het uitgangspunt dat onder PGB-maatregel 1/3 van de mensen met een indicatie geen beroep zullen doen op publiekksgefinancierde zorg als ze geen PGB krijgen. Dit riep bij de Kamer veel vragen op. Partijen vinden het niet reëel aan te nemen dat die besparing gerealiseerd zal worden.

Derde termijn
Het debat vergt een derde termijn, die nog voor het mei-reces moet plaatsvinden (mogelijk al in de week na Pasen). Voorwaarde voor de derde termijn is wel dat er duidelijkheid moet zijn over de bescherming van de persoonsgegevens inzake de cliëntgegevens en dat de nota over het toezicht verschenen is.
Als bijlage ook de brief van de staatssecretaris met de antwoorden op de vragen die in de eerste termijn gesteld werden.

Lees ook de schriftelijke uitwerking van de beantwoording op kamervragen eerste termijn en de brief plenaire behandeling wetswijziging Wmo.

Bron: VGN

buitenland

Eindelijk een mooie, activerende site voor werkgevers. Stuur een e-card of bekijk de 'Field Guide'! Thinkbeyondthelabel